afstellingen










Werking van de stelschroeven voor de in- en uitgaande demping
De Proflex schokdempers hebben een basis setting in de demper die aangepast is aan de karakteristieken van het voertuig, rekening houdend met verschillende parameters. De basis setting bestaat uit een combinatie van shims en verschillende poorten in de zuiger. Deze setting kan enkel aangepast worden door Proflex service techniekers. Om het de piloot mogelijk te maken zijn voertuig af te stellen naar zijn gevoel en aan te passen aan het parkoers of weersomstandigheden heeft Proflex zijn schokdempers voorzien van een regelmogelijkheid. Hierdoor kan hij zelf de karakteristiek van de demper wijzigen. De nieuwste Proflex schokdempers beschikken over drie '26-kliks' stelschroeven. De ingaande demping of compressie is gesplitst in twee delen: De low speed (trage bewegingen) De high speed (snelle bewegingen) Een aparte stelschroef is voorzien voor de uitgaande demping of rebound.




Door met een schroevendraaier naar rechts te draaien verhoog je de low-speed compressie demping. Door deze stelschroef naar rechts te verdraaien vernauw je een smoorkanaal in de ingaande dempunit waardoor de oliestroming naar het reservoir afneemt. Deze stroming is er enkel bij trage tot gematigde bewegingen van de schokdemper, b.v. bij het insturen van een bocht of bij het vertrek vanuit stilstand.

52e57b887339f

52e57b8b8ddb7





Door met een 10mm sleutel naar rechts te draaien verhoog je de high-speed compressie demping. Door deze stelschroef naar rechts te verdraaien verhoog je de voorspanning op de veer in de ingaande dempunit. Hierdoor kan deze meer weerstand bieden tegen de grote oliestroming naar het reservoir die ontstaat bij snelle beweging van de schokdemper, b.v. bij grote oneffenheden in het wegdek of jumps.
 

52e57c1f36bb8

52e57c22502ee





Door de stelschroef naar rechts te draaien vergroot je de uitgaande dempkracht.
De Proflex schokdempers hebben een rebound stelschroef met thermostactische compensatie deze zorgt ervoor dat de schokdemper zichzelf aanpast aan de temperatuur van de olie; een stabiele werking kan hierdoor gewaarborgd worden. Door de stelschroef naar rechts te verdraaien vernauw je het bypass kanaal dat belet dat de olie van de ene naar de andere kant van de zuiger stroomt. De uitgaande beweging van de schokdemper word hiermee afgeremd. Deze regeling in de schokdemper beinvloed hoofdzakelijk de uitgaand demping maar zal ook in mindere mate de ingaande demping beinvloeden. De rebound demping is vooral verantwoordelijk voor de snelheid waarmee de demper terug in zijn beginpositie komt na een compressie, b.v. na een jump of oneffenheid of bij een lastwissel L/R en V/A.

52e57c75c73ff

52e57c78e0728

52e57c7c07395

52e57c7f1e028





Mogelijke gedragingen van het voertuig
Te zachte low-speed setting
- te veel overhellen in lange bochten - achteraan te veel doorzakken bij het acceleren - vooraan te veel doorzakken bij het remmen
Te stugge low-speed setting
- kleine oneffenheden worden niet genoeg geabsorbeerd - tractieverlies bij acceleratie - gripverlies bij het remmen - minder vlot insturen in een bocht
Te zachte high-speed setting
- demper slaat dicht na een jump - het wiel komt los van het wegdek bij het snel rijden over een obstakel - de demper kan het gewicht van de wagen niet absorberen wanneer hij in een put of kuil rijdt, en slaat dicht
Te stugge high-speed setting
- het voertuig voelt hard aan - de wagen volgt te veel de contouren van het wegdek - zware schokken worden rechtstreeks doorgegeven aan de carrosserie - tractieverlies - het voertuig komt los van het wegdek bij het snel rijden over een obstakel
Te zachte rebound setting
- na een compressie van de demper (ten gevolge van een obstakel) wordt het voertuig omhoog geworpen - de wagen voelt zweverig aan (hij staat te los op de veren) - de carrosserie wordt te veel opgetild in bochten
Te stugge rebound setting
- na een compressie komt de demper te laat terug in de oorspronkelijke positie om een volgende schok op te vangen - hierdoor voelt het voertuig te hard aan - de wagen springt te veel over het wegdek - tractieverlies - langere remweg - het voertuig valt in een kuil, wat eigenlijk alleen het wiel dient te doen - de schokdemper bouwt te veel in, waardoor de overgebleven vrije slag vermindert